Preek week 4

preek v.d. week 4

 

Leef zoals je in Christus bent:

 

in dit leven ben je als Christen eigenlijk een levende van tussen de doden

 
Romeinen 6:13b
 

lezen: Romeinen 6:1-14 

 
je hebt vast wel iets meegekregen van de discussie over het dubbele paspoort.
Dat gaat over mensen die in een ander land geboren zijn en daar officieel nog bij horen, 
maar al lang hier in Nederland wonen en ook echt Nederlander zijn.
Zo zijn er een heleboel mensen in Nederland, maar het kwam nu vooral in 
het nieuws omdat er in het kabinet twee zijn bij wie dit zo is.
Tegelijk Turk en Nederlander, of Marokkaan en Nederlander.
Maar het geldt bijvoorbeeld ook voor mensen die vanuit Nederland 
vertrokken zijn naar een ander land, Canada, Australië.
Dat kan betekenen dat je in een land leeft en daar aan alles meedoet, 
terwijl je tegelijk ook bij een ander land hoort. En dat laat je dan ook zien.
Je houdt ook iets vast van de cultuur waar je vandaan komt. 
Een mens van twee culturen, twee landen, twee paspoorten.

 
Zoiets is een christen ook.
Als jij met Jezus Christus wilt leven, heb je ook twee paspoorten.

 
Je leeft in een leven waar de zonde heel sterk is.
Dat is daar de cultuur, de gewoonte. Iedereen doet dat.
Je leeft voor jezelf. Je denkt vooral aan je eigen belang. 
Je maakt dat het met jou goed gaat.
Dat is het land, het leven van de grote Ik-ken. Ikke, ikke, ikke....

 
Paulus noemt dat in Romeinen 8: 5,
wie zich door zijn eigen natuur laat leiden, is gericht op wat hij zelf wil.
Dat is je IK-paspoort.

 
In dat land ben je geboren en daar voel je best thuis.
Want daar is een hoop te genieten.

 
Maar je hoort ook bij een ander leven.
Je leeft in een leven waar de Geest van God het sterkste is.
Daar leef je voor God. Daar leef je vanuit liefde. Voor de ander.
Daar leef je zuiver, eerlijk, goed.
Dat noemt Paulus: wie zich laat leiden door de Geest,
is gericht op wat de Geest wil.
Dat is je Christus-paspoort.

 In dat land ben je gekomen en ik hoop dat je je daar ook steeds meer thuis voelt.
Want daar is het leven echt goed.

 
Je hebt nog steeds twee paspoorten.
=Zoals er in Nederland veel mensen zijn die twee paspoorten hebben en 
dat graag zou houden, zo wil jij dat waarschijnlijk ook.
Je wilt je Christus-paspoort niet kwijt. Anders kom je ook nooit veilig de laatste grens over.
Maar dat Ik-paspoort helemaal inleveren. Dat valt niet mee.
Dat voelt alsof je heel veel kwijtraakt. Want die cultuur bevalt je zo goed.

 
Maar de Heer vraagt van je: leef vanuit dat ene paspoort.
Leef zoals je in Christus bent: levende van tussen de doden.

 
Paulus schrijft ‘denk aan uzelf als levenden die uit de dood zijn opgewekt’.

 
Ik heb het in het nog wat anders gezegd, omdat het in het Grieks 
er iets anders staat: levend van tussen de doden.
Van tussen de doden vandaan.

 
Probeer het je eens in te denken.
Het kan helemaal niet, maar even om die uitdrukking te begrijpen.
Stel je voor, je bent begraven. Je ligt in het graf op de begraafplaats.
Maar je wordt tot leven gewekt. Je graf gaat open. Het zonlicht valt erin, 
je voelt de frisse lucht. Je kunt naar buiten stappen.


Daar sta je, op de begraafplaats.
 

Je kijkt om je heen - alle andere graven zijn nog gewoon dicht.
Daar liggen de anderen, maar zij komen niet tot leven. Jij bent de enige.
De enige levende van tussen de doden waar je zelf ook bij hoorde.
 

Wat doe je dan?
Ga je dan terug in je graf?
Ga je dan weer liggen, net als de anderen?
Die blijven toch ook liggen, 
dus dat doe jij dan ook maar? Natuurlijk niet.
Je begrijpt er niets van. Waarom jij wel en de anderen niet.
Maar je gaat er niet weer liggen.
Jij leeft. Je kunt weer lopen. Huppelen, springen, schreeuwen.
Je voelt de zon, je ruikt de bloemen.
Je leeft en zo doe je ook.
En je gaat zo gauw mogelijk andere mensen opzoeken die leven.
Weg van die begraafplaats, het leven weer in!

 
Paulus schrijft: denk zo aan jezelf.
Dat ben je. Je bent een levende van tussen de doden.
Jij bent uit het graf getild waar anderen nog in liggen.
Zij blijven liggen, maar jij mag springen, dansen en leven!

 
‘Denk zo aan jezelf.’
Geen misverstand, dit is niet bedoeld als ‘zeg dit maar vaak genoeg tegen jezelf, 
dan ga je het vanzelf geloven en dan wordt het ook zo.’
Paulus is geen goeroe van het positieve denken zoals Emil Ratelband, 
Tsjakka, je kunt het - en als je dat maar vaak genoeg zegt,
dan kun je het ook’.
Nee, denk zo aan jezelf, want zo is het.
Je bent echt een levende uit de doden.
In Christus.

 
Dat schreef Paulus in het begin van Romeinen 6.
Toen Jezus stierf aan het kruis, stierf hij niet alleen.
Hij stierf als de Christus, de één-voor-allen. 
Hij nam ons met zich mee in die dood. Je oude bestaan, je ik-mens.
Hij nam die mee aan het kruis, de dood in.
Toen hij opstond op de Paasmorgen, stond hij niet alleen op. 
Hij stond op als de Christus, de één-voor-allen.
Ons nieuwe leven kwam met hem mee uit het graf.
Je nieuwe identiteit.
Je nieuwe mens-zijn.
Je nieuwe manier van leven.
Als je gelooft in Christus, 
ben je in hem mee opgestaan en ander mens geworden.

 
Dat doe je niet zelf.
Zoals Christus ook niet zelf opstond, maar door de macht van de Vader.
Diezelfde macht, die opstandingskracht, maakt van jou en mij nieuwe mensen.
Dat is de werkelijkheid in Christus.
Zo is het in Christus.
Dat mag je geloven.
Zo mag je aan jezelf denken.

 
‘Denk zo aan jezelf’, dat betekent: geloof dat het zo is.
Jongens, geloof dat Christus je nieuw gemaakt heeft.
Dat hij je dat nieuwe paspoort gegeven heeft.
Voortaan is dat je identiteit. Je bent een nieuw mens.
Zo één die zuiver leeft, niet voor jezelf, maar voor God.

 
Denk aan jezelf - geloof dat je zo bent
een levende uit de doden - uit het graf gehaald om te leven
en stel jezelf in dienst van God als een werktuig voor de gerechtigheid
En dus niet (begin van vers 13) als een werktuig voor het onrecht.
 

Jezelf in dienst stellen.
Paulus zegt zelfs: je ledematen daarvoor gebruiken. Je hand, je voet.
Je vingers, als je op MSN bent. Wat type je?
Je mond, als je over een ander praat. Wat zeg je?
Je handen: steken je ze uit de mouwen om een ander
te helpen of knijp je de kat in het donker?
Je hersenen: wat bedenk je allemaal over mensen?

 
Laten het geen werktuigen voor het onrecht zijn.
Eigenlijk staat er ‘wapens’.
Dat worden het heel gauw.
Je tong is net een dolk die je in iemands rug steekt.
Je kunt iemand compleet onderuit halen door een paar rotopmerkingen.
Je bent kwaad en je stuurt een boze mail - en als er een antwoord komt om het goed te maken, 
reageer je gewoon niet. Hij moet maar flink voelen dat ik kwaad ben.
Tot en met letterlijk je vuist als wapen, om er op los te slaan.
Of je brede auto om een ander aan de kant te duwen.

 
Dan ben je echt een inwoner van IK-land.

 
Stel jezelf in dienst van God. Laat je lichaam door hem gebruiken voor gerechtigheid.
Dat God jou leven gebruikt om het leven van een ander mooier te maken.
Doordat er een compliment over jouw lippen komt.
Jouw hand op de schouder van iemand die met tranen de kerk uitloopt.
Jouw arm ertussen als twee van je vrienden op de vuist gaan.
Je vinger op je mond als je dingen van iemand weet die je beter niet door kunt vertellen.
Jouw auto om die oude vrouw naar haar zus te rijden voor een kopje koffie.

 
Dat is leven uit je Christus-paspoort.
Jezelf in dienst stellen van God als een werktuig voor de gerechtigheid.
 

Kun je dat?
Niet uit jezelf.
Wel door de kracht van de opstanding.
Jij kunt het, want je mag - in Christus - geloven dat God je uit je graf omhoog gehaald heeft.
’Denk aan jezelf als levende van tussen de doden’.
En zeg dan niet ‘waarom zou ik dit doen, anderen doen het toch ook niet?’
Inderdaad, God laat anderen erin liggen, maar hij haalt jou eruit.
Anderen hebben maar één paspoort, jij hebt een nieuwe gekregen.

 
Geloof dat je door God in het leven gezet.
Met de kracht van de opstanding van Christus ben je uit je oude bestaan gehaald.
Door die kracht kun je nu leven voor God.

 
Leef zoals je in Christus bent.
Als je voelt dat je dat moeilijk vindt, pak dan je paspoort er weer bij.
Dat ene, die van Christus.
Wie ben ik ook al weer: ik ben van Christus.
Geloof dan: ja Heer, ik kan het. Ik zal het doen. In uw kracht.

 

AMEN