Preek week 25

preek v.d. week  25

 

de preek van vorige week ging over "worden zoals Jezus"
 

laten wij deze week er op doorgaan, want worden zoals Jezus word je niet 1,2,3
 

Preek over Matteüs 1:2b,3a
 

lezen: Genesis 38, 49:1-12,22-26

 
 

Matteüs zet boven zijn evangelie: dit is het boek van de wording van Jezus Christus.
Hier kun je lezen hoe hij geworden is wie hij is: onze Redder, de Christus die in u en jou wil wonen.
Die u en jou wil veranderen zodat je steeds meer op hem gaat lijken.
In dit evangelie-boek kun je lezen wie hij is.
Dat begint al bij zijn geslachtsregister.
 

Vandaag kijken we verder in die lijst van namen.
Daar staan wat bijzonderheden in.
De vier vrouwen vallen het meest op. Maar dat is niet het enige bijzondere.

Vers 2: Jakob verwekte Juda en zijn broers.
Zoiets had ook bij Isaak kunnen staan. Isaak verwekte Jakob en zijn broer Esau.
Dat noemt Matteüs niet.
Maar wel: Juda en zijn broers.
 

Matteüs vraagt aandacht voor het gezin van Jakob.
Je zou tegenwoordig zeggen: dat was een samengesteld gezin.
Niet door kinderen uit vorige huwelijken, zoals tegenwoordig vaak.
Maar kinderen uit vier huwelijken tegelijk.
Jakob had twee vrouwen, Lea en Rachel. Twee zussen, met een hoop jaloezie.
Lea kreeg vier zonen. Toen werd Rachel zo jaloers, dat ze tegen Jakob zei: neem mijn persoonlijke slavin maar als vrouw.
Dan adopteer ik haar kinderen wel als mijn eigen kinderen. Zo krijgt slavin Bilha twee zonen.
Dan wordt Lea weer jaloers. Die zet ook haar slavin in. Jakob neemt dus ook Zilpa erbij. Die krijgt ook twee zonen.
Toen kreeg Lea er nog twee. En uiteindelijk krijgt ook Rachel twee keer een zoon.
En ondertussen had Lea ook nog een dochter gekregen, Dina.
Als je leest hoe dat allemaal gegaan is! Jaloezie, rivaliteit, geroddel.
Het was een gezin van strijd. Geen vrede, geen liefde, maar altijd vechten.
Dat is: Juda en zijn broers.
Jezus Christus draagt in zijn genen mee de enorme familie-ruzies uit het gezin van Jakob.
Ook voor mensen met zulke familie-ruzies wil hij de Christus zijn.
Soms kunnen broers en zussen, of ouders en kinderen, jarenlang tegenover elkaar staan.
En ze laten zo’n conflict bestaan, alsof het er gewoon bij hoort.
Maar Jezus, die uiteindelijk zelf uit zo’n ruzie-familie kwam, wil ook daarin werken met zijn genade.
Door de Geest van Christus mag je een vredestichter in je familie worden. Je kunt daarvoor bij deze Jezus Christus terecht.
Hij weet wat het is, het zit ook in zijn familie.
 

Er klinkt, denk ik, nog iets anders in dat ‘Juda en zijn broers’.
Waarom is het van al deze broers juist Júda door wie de lijn naar de Christus verder gaat?
Hij was niet de oudste. Waarom dan toch via hem?
 

Daar hebben we over gelezen in Genesis 49.
Ruben was de oudste. Maar door zijn eigen fout verspeelde hij het eerstgeboorterecht.
Jakob zegt: ‘je hebt je vaders bed beslapen’.
Dat staat in Genesis 35: Tijdens Israëls verblijf in deze streek sliep Ruben eens met Bilha,
zijn vaders bijvrouw. Israël hoorde ervan. Ruben ging naar bed met zijn ‘stiefmoeder’.
Jakob hoort dat en nu hij oud is, reageert hij door duidelijk te maken:
Ruben heeft daarmee het eerstgeboorterecht verspeeld. De lijn loopt niet via Ruben.
 

Na Ruben komen Simeon en Levi.
Waarom worden zij ook overgeslagen?
Dat heeft te maken met de geschiedenis rond Dina, hun enige zus.
Dat lees je in Genesis 34. Heel kort: Dina is meegenomen en verkracht door Sichem, 
een jonge vent uit een stadje in de buurt.
Hij is echt verliefd op haar en wil met haar trouwen. 
De broers zeggen: dat is goed, we willen best familie worden.
Maar het probleem is dat jullie niet besneden zijn. Als jullie met z’n allen je laat besnijden, kan het geregeld worden.
Sichem krijgt het voor elkaar dat alle mannen van het stadje zich laten besnijden.
Dat is nogal een pijnlijke ingreep bij een volwassen man. Dat geeft een koorts-reactie.
Al die mannen liggen met pijn in bed.
Dat is waar Simeon en Levi op gerekend hadden. Ze vallen aan en vermoorden al die mannen.
De andere broers helpen een handje door de stad daarna te plunderen.
 

Zo waren zij, die jongens van Jakob. Juda en zijn broers. Wat een gezin.
Jakob zegt het als hij oud is: grimmige woede, ontembare razernij - dat typeert Simeon en Levi. 
Ze beramen niets dan geweld. Ook zij vallen af voor het ontvangen van de zegen van het eerstgeboorterecht.
 

En dus wordt het Juda? Want Juda heeft niet iets gedaan waardoor hij overgeslagen moet worden?
Dat lijkt zo. Maar het wordt Juda niet. Juda heeft niet het eerstgeboorterecht gekregen.
Jakob had al een andere beslissing genomen.
In Genesis 48 staat dat Jozef met zijn twee zonen bij Jakob komt.
Jakob zegt dan: jouw twee zonen, Efraïm en Manasse, stel ik op één lijn met Ruben en Simeon. (48:5).
Dat betekent dat Jozef, door zijn twee zonen, een dubbel erfdeel krijgt. Het dubbele erfdeel van het eerstgeboorterecht.
En over Efraïm en Manassa zegt Jakob dan: de God naar wiens wil mijn voorouders Abraham en Isaak zich richtten,
de God die mijn leven lang mijn herder is geweest (...), hij geve deze jongens zijn zegen. (48:15).
Dat komt in hoofdstuk 49 weer terug. Daar worden over Juda mooie dingen gezegd.
Maar alleen aan Jozef wordt de hulp van God zelf beloofd.
Alleen bij Jozef gaat het over de zegen. De zegen van je vader, 
moge die op Jozef rusten, de uitverkorene onder zijn broers. (49:26).
 

Jozef krijgt het dubbele erfdeel van het eerstgeboorterecht.
Jozef krijgt de bijzondere zegen van de God van Abraham, Isaak en Jakob.
Jozef wordt gerekend als de eerstgeborene!
 

Dat wordt bevestigd in 1 Kronieken 5: 1,2.
Ruben was de oudste zoon, maar omdat hij zijn vaders bed had ontwijd, 
ging zijn eerstgeboorterecht over op de nakomelingen van Israëls zoon Jozef,
hoewel deze niet als eerstgeborene staat ingeschreven.
Juda was sterker dan zijn broers en er is een vorst uit hem voortgekomen,
maar het eerstgeboorterecht ging over op Jozef.

 
Jakob was er duidelijk in geweest. De lijn moest worden: Abraham, Isaak, Jakob, Jozef, Efraïm.
Maar de lijn wordt: Abraham, Isaak, Jakob, Juda! Waarom dan toch Juda?
 

Er is maar één antwoord.
Dat staat in Psalm 78:67v.
Hij verwierp de tent die bij Jozef stond,
de stam Efraïm koos hij niet,
nee, de stam Juda koos hij.
 

God de HEER koos Juda. Waarom? Nergens om!
Was Juda beter dan Ruben, Simeon en Levi? Helemaal niet.
Hier zie je wat Paulus later schrijft: God kiest een mens niet uit op 
grond van zijn daden, maar omdat hij hem roept. (Rom.9:12).
Juda was niet beter. En de HEER had niet van tevoren al gezien dat de stam van Juda beter zou zijn.
De HEER koos. Het is zijn keus.
 

Zo is dat bij de HEER, onze God. Hij neemt beslissingen, hij maakt keuzes, waar wij niet achter door kunnen vragen.
Keuzes die wij niet kunnen narekenen. Hij kiest en wij mogen vol verbazing hem daarin volgen.
Ook dat draagt Jezus Christus mee in zijn voorgeslacht.
Het waren niet de beste mensen waaruit hij geboren zou worden.
Het waren de mensen die God uitgekozen had. Omdat hij hen wilde kiezen, nergens anders om.
Zoals hij nu ook de Christus wil zijn, niet voor de beste mensen. 
Deze gemeente van de Lichtbron - het zijn niet van die beste mensen.
 

Maar je hóeft ook niet de beste mens te zijn om te zorgen dat God ook voor jou kiest.
Het is andersom: je mag geloven dat God jou gekozen heeft, al ben je zelf helemaal slecht.
Hij heeft er voor gekozen om aan jou zijn goede nieuws te vertellen van echte redding door Jezus Christus.
Hij koos om je dat van jongs af aan te leren, zoals bij Ruth. Of hij koos jou om het je vandaag voor het eerst te vertellen.
Hij heeft je gekozen! Achter de keus hoef je niet te gaan zoeken waarom jij gekozen bent. 
Je kunt dat niet narekenen. Daar is geen logische verklaring voor. Je hebt het nergens aan verdiend.
Je hoeft het alleen maar met verbazing en met geloof aan te nemen.
Je mag het leren zeggen in geloof: God heeft mij gekozen.
Dat was al zijn manier van werken in het voorgeslacht van Jezus Christus: hij koos Juda, zomaar. 
Dat is zijn manier van werken vandaag. Geloof dat hij je gekozen heeft.
 

Jezus wil de Christus zijn voor mensen die geloven dat ze alleen maar gered worden omdat ze door God
- in zijn grote liefde - gekozen en geroepen zijn.
Om dat nog eens te onderstrepen, schrijft Matteüs erbij: Juda verwekte Peres en Zerach bij Tamar.
Die ene naam Tamar - voor de Joden voor wie Matteüs dit schrijft, 
zegt die naam genoeg. Dat laat genoeg zien: Juda was niet beter.
 

In het kort even wat punten uit die geschiedenis die we net lazen in Genesis 38.

- Vers 1, Juda verliet zijn broers en sloot zich aan bij een zekere Chira in Adullam.
Dat is geen neutraal verhuisbericht. Er staat vooral: Juda verliet zijn broers. Hij ging zijn eigen weg.
Leg dat naast Genesis 37:1, maar dan de vorige vertaling: 
Jakob echter woonde in het land der vreemdelingschap van zijn vader, in het land Kanaän.
Jakob ging op de weg van Abraham en Isaak: vreemdeling blijven Kanaän, wachtend tot God de belofte waarmaakt.
Maar Juda gaat zijn eigen weg en sluit zich aan bij een Kanaäniet. Juda is de verloren zoon die zijn eigen weg gaat.
 

- Hij trouwt met een dochter van een Kanaäniet. Dat is ook een negatieve typering.
- In zijn gezin ging het ook niet best. Zijn oudste zoon Er was slecht in de ogen van de HEER en stierf jong.
Toen liet Juda zijn schoondochter Tamar trouwen met de tweede zoon, Onan. 
Maar die weigerde om Tamar zwanger te laten worden.
Hij wilde geen zoon verwekken voor zijn overleden broer. Hij wilde waarschijnlijk de erfenis niet delen. 
Ook in het gezin van Juda dus veel zonde, haat en nijd.

- Als Onan sterft, geeft Juda Tamar in feite de schuld. Het zal wel door haar komen...
- Blijkbaar was Juda ook niet de vriendelijke schoonvader waar je eens mee kon gaan praten.
Tamar kon alleen door een list contact krijgen. Ze past zich daarin aan aan 
de gezinscultuur van familie Jakob: de familie list en bedrog.

- zo stapelt zich de ene fout op de ander. Juda laat zich verleiden om naar een hoer te gaan.
Dat blijkt zijn eigen schoondochter, en zo is er sprake van incest.

- Maar uiteindelijk moet Juda zelf erkennen: Tamar is onschuldig maar ik niet. Zij stond in haar recht.
De methode is dubieus, maar ze had gelijk dat ze haar recht kwam halen.
 

Met die ene naam Tamar tekent Matteüs een heel patroon van fouten, schuld, 
leugens en bedrog. Niet bij Tamar zelf, maar bij Juda.

Genesis 38 tekent de fouten van Juda.
 

Toch werd die Juda door de HEER gekozen om de lijn van Abraham, Isaak en Jakob voort te zetten.
Ondanks al zijn fouten rond Tamar werd Juda uitgekozen.
 

De zonen van Jakob stonden rond het sterfbed van hun vader.
Juda kreeg te horen: Juda, jou zullen je broers bejubelen. In Juda’s handen zal de scepter blijven,
tussen zijn voeten de heersersstaf, totdat hij komt die er recht op heeft, die alle volken zullen dienen (49:8,10)....
We weten niet wat Juda toen gedacht heeft. We weten niet wat hij er van begrepen heeft.
Wij begrijpen nu: dit was een profetie waarin de Heer al liet horen dat hij 
Juda uitgekozen had om uit via hem te verder te werken naar Jezus Christus.
Wat Juda gedacht heeft, weten we niet.
Maar je kunt wel invullen welke gedachte er bij zou pássen.
Dat is namelijk hetzelfde als bij jou en mij past als je er over nadenkt dat 
God je gekozen heeft om bij hem te horen: ‘wie, ik? Mag ik bij God horen?’
En dan zegt de Heer: ja, jij , ondanks jezelf - maar ik heb je gekozen.
Geloof je dat?

 
AMEN