Kids week 33

De eerste koning van Israël
1 Samuël 8-10

 
 


 
Samuël was een oude man geworden. Nu
zeiden de mensen van Gods volk: ‘Wij
willen dat een koning bij ons de baas is.’
Samuël vroeg God om hulp. God zei dat
Samuël het volk moest waarschuwen.
 


 
Een koning zou het volk veel problemen
bezorgen. Een koning zou de jonge mannen
in het leger laten vechten en de mensen
zouden veel geld en spullen aan de koning
moeten geven. Samuël waarschuwde, maar
de mensen luisterden niet. Toen zei God dat
Samuël de mensen een koning moest geven.
 


 
God bracht Samuël bij een man die
Saul heette. Samuël goot olie over
Sauls hoofd. Dat betekende dat God
Saul als koning had uitgekozen. Saul
verstopte zich, want hij was verlegen.
 


 
De mensen vonden Saul. Toen zei
Samuël: ‘Hier is jullie koning.’
Alle mensen riepen blij:
‘Lang leve onze koning!’