De boodschap van deze week gaat over een jonge dromer. Ik zie voor mij een fijn gezicht, iemand die anders is dan zijn leeftijd genoten. Hij is jong ergens in de twintig en fijn van uiterlijk. Ondanks zijn fragiele uiterlijk is hij zelfstandig en weet wat hij wil. Hij is trouw aan de Here en gehoorzaamd zijn ouders. Graag deelt hij zijn ervaringen met andere maar wordt niet altijd begrepen. Zelfs zijn dromen probeert hij mede te delen, maar in plaats van een luisterend oor krijgt hij enkel te horen dat hij hoogmoedig is en dat hij zichzelf beter acht dan een ander. Hij was de voorlaatste zoon van Jakob de eerste van Rachel. In liefde geschapen.
Deze Jozef heeft zoveel gelijkenissen met onze Here Jezus. Het is waarschijnlijk onmogelijk om over Jozefs leven te praten zonder enige gelijkenissen op te noemen.
Deze week gaan wij slechts enkele jaren bekijken in zijn leven, waarschijnlijk wel de belangrijkste. Een stuk leven van een persoon, weliswaar verschillende duizenden jaren terug, maar waar we veel kunnen uitleren.

Als ik zeg, Ik verlang er naar om ook mijn leven zo onder controle te hebben zoals Jozef het zijne had.
Waar verlang ik dan naar, zeven treden naar Goddelijke heerlijkheid, naar Goddelijke volkomenheid. We zetten een ladder met zeven treden tegen de hemel en gaan hem trap voor trap betreden net zoals Jozef het heeft gedaan.
De voorgeschiedenis kennen we allemaal wel, Jozef die het 'bevoordeeld', 'febbeke' kindje is thuis, wordt verstoten door zijn broers en verkocht aan Ismaëlieten. Het is dan Potifar, een hoveling van Farao, die hem koopt.
1. Goddelijke invloed (gen 39:2-3)
Vanaf hier start mijn verhaal. Onmiddellijk lezen we hier dat Jozef ondanks de akelige omstandigheden waarin hij verkeerde, niet alleen staat. In vers 2 lezen we ; "En de Here was met Jozef". De Here had een doel met Jozef, dit konden we reeds zien toen Jozef zijn dromen vertelde. Ondanks dat het waarschijnlijk zeer moeilijk voor hem was, hij was nog jong, weg van huis in een vreemde cultuur met als vooruitzicht een slaaf te zijn tot de dood, nergens lezen we van hem over enige opstand niet naar mensen en ook niet naar God. Het is pas nadat ik heel het verhaal van Jozef heb gelezen dat ik mij hem voorstel als een persoon die bereid is om zijn lot te dragen in het volle geloof in God. En zijn geloof is niet voor niets, we lezen verder ;"zodat hij een voorspoedig man werd, en hij woonde in het huis van zijn heer, de Egyptenaar".
De Goddelijke invloed is duidelijk, het is de Here die met Jozef was. Misschien was het voor Jozef niet altijd even zichtbaar zoals het nu voor ons is. Het is net hetzelfde zoals wij vandaag bepaalde dingen niet begrijpen die gebeuren. Waarom, vragen, ook Jozef zal ze wel gesteld hebben, toch bleef hij zijn ware Meester trouw. De Here geeft ons de belofte dat Hij ons steeds nabij zal zijn. Dezelfde belofte als hij aan Jozefs vader, Jakob, gegeven heeft in Betel ; "En zie, Ik ben met u en Ik zal u behoeden overal waar gij gaat, en Ik zal u weder-brengen naar dit land, want Ik zal u niet verlaten, totdat ik gedaan heb wat Ik u heb toegezegd."
Dit zien we ook op onze tweede trede van de trap.
2. Getrouw (gen. 39:5-6)
Zijn aardse meester was slim en ook al geloofde hij niet in de God van Jozef toch wou hij er mee van profiteren. Hij zag vrij snel dat het werk dat Jozef deed, af was en resultaten opleverden en hij stelde hem aan over zijn huis, alles wat had, gaf hij in de handen van Jozef. Ondanks zijn slavernij bleef hij getrouw aan de Here en vervulde zijn taak naar best vermogen. De Here liet dit niet onopgemerkt voorbijgaan en zegende het huis van de Egyptenaar om Jozefs wil. De toewijding die Jozef bezielde was uitzonderlijk, het is de zelfde toewijding die we kunnen lezen van Daniël toen hij rijksbestuurder was. We lezen van Daniël (Daniël 6:4) "Toen overtrof deze Daniël de rijksbestuurders en de stadhouders, doordat een uitnemende geest in hem was ; en de koning was van zins hem over het gehele koninkrijk te stellen".
3. Weerstaan aan de verzoeking (gen.39:7-9)
Jozef was volledig toegenegen aan God en God zegende dit ook. Al wat hij deed gelukt. Ondanks dat Jozef weg gerukt was uit zijn geboorteland weg uit zijn familie, kon hij rekenen op de trouw en de liefde van de Here.
De toewijding die hij hier aan de dag legde moet volledig, volkomen geweest zijn. Ondanks zijn macht in het huis lees me nergens dat hij deze misbruikte ook niet om terug te vluchten naar zijn vader en zijn moeder. Hij had een afspraak, en hij hield zich hieraan.
En dan komt die vrouw opdagen, net zoals Eva Adam verleidde om te eten van de appel, of Delilah die het geheim van Simson weet de ontfrutselen, of de vrouw van Job die wilde dat Job zijn geloof liet varen, zo ook komt de vrouw van Potifar naar Jozef. Elke dag opnieuw gebruikt ze haar vrouwelijke charmes om Jozef naar zich toe te trekken. Maar Jozefs antwoord is net hetzelfde als het antwoord van Lot aan zijn vrouw(job 2:9), maar dan wel iets netter. Ondanks de druk die hem gegeven wordt van de vrouw blijft hij trouw aan zijn meester, omdat hij gelooft (weet) dat zijn Hemelse Meester dit ook van hem verlangt. De Goddelijke invloed die hij in zijn werken laat heersen weerhoud hem er ook van om toe te geven aan de verleiding.
Ondanks dat Jozef weggerukt is uit zijn geboorteland en van zijn familie is zijn geloof sterk genoeg om te weerstaan aan de verleiding.
4. Goddelijke genegenheid (gen. 39:21)
Menselijk gezien moesten wij in de toestand zijn van Jozef zouden wij ons verlaten voelen van God. Wij zouden de hoop gaan opgeven en denken dit is ons lot, God heeft mij verlaten en wil niet meer naar mij omzien. Hopeloos, wat nu?
Maar wat we in de Bijbel lezen is nu juist het tegenovergestelde in vers 21 lezen we : "En de Here was met Jozef; Hij bewees hem genade en deed hem de genegenheid van de overste der gevangenis winnen."
Kan je dat voorstellen? Alles loopt mis, ja je had wat hoop toen je aangesteld werd in het huis van Potifar, maar lang heeft dat ook niet mogen duren of je zat in de gevangenis. Wat een vooruitzicht! En dan lezen we hier in de Bijbel ; En de Here was met Jozef! Wat een God ?
Broeders en zusters reageren wij niet dikwijls zo…, indien het niet gaat zoals wij het netjes gepland hebben, zijn wij dan niet snel bereid om te denken dat God niet meer aan onze kant staat. Ik kan me perfect situaties indenken waarin het zeer moeilijk is om te blijven geloven dat God het goede met ons voor heeft. Jozef had dit al eens mogen bekijken via zijn dromen in zijn jonge jaren. Ik weet niet dat hij hier nog aan dacht, maar zo heeft God ook een plan met een ieder van ons. God is ons genegen net zoals hij Jozef genegen was in de kerker, bewijs het offer van zijn Zoon niet genoeg.
Het voorbeeld dat Jozef door zijn leven met God gaf, overtuigde mensen dat men hem vertrouwen kon.
Even de trappen tot dusver overlopen ;
1. De Goddelijke invloed zorgde ervoor dat Jozefs leven toegewijd was aan de Heer ondanks de omstandigheden waarin hij verkeerde
2. Getrouw in het werken toonde aan andere hoe machtig God is en zorgde er ook voor dat hij gewaardeerd werd.
3. Weerstaan aan de verleiding toonde dat hij een keuze had gemaakt die hij niet wou afgeven.
4. De Goddelijke genegenheid bleef bij hem ook al zouden wij als mensen denken, nu heeft God mij verlaten.
5. Voorbereidingen (gen. 40:5-8)
En zou Jozef nu als een wonder onmiddellijk onderkoning worden? Neen, dat was Gods plan niet. De Here bouwde wel een plan op die aanleiding zou geven voor zijn bevrijding. Maar het plan was geen menselijk plan.
We lezen dan van de bakker en de schenker en hoe Jozef hun dromen uitlegde. En… lezen we hier een zwak plekje van hem gen 40:14 ; " Maar blijf aan mij denken, wanneer het u goed zal gaan; toon mij toch uw dankbaarheid door van mij gewag te maken bij Farao, en breng mij uit dit huis."
 Nee, Jozef, nog twee volle jaren en deze gebeurtenissen zullen dienen om u uit deze kerker te halen en u te plaatsen naast de farao, een machtige wereld heerser.
Gods plan is in werking, liefst wijzigen wij dit en nog liever willen wij dit versnellen.
6. God vereren/ de eer geven (gen. 41:16)
Ik heb er nog niet op gewezen naar de vergelijkingen met Jezus, maar nu kan ik het toch even niet verzwijgen. Wanneer je de teksten terug na leest, dan leest je telken malen dat Jozef het voorspoedige aan God opdraagt, dat hij niets uit zichzelf kan maar dat de Here het is die het voor hem doet, dit zien we bijvoorbeeld wanneer hij verleid wordt door Potifars vrouw en hij zegt dat hij zijn status ontvangen heeft door God. Of wij lezen dit wanneer de bakker en schenker hem om de uitlegging van hun dromen vragen en dit lezen wij ook wanneer hij dan eindelijk op dertig jarige leeftijd voor de farao staat om diens droom uit te leggen.
De farao verward en onzeker zoekt hulp bij een gevangene. De gevangene die graag verlost en bevrijd zou zijn. Maak Jozef hier gebruik van, Tracht hij zijn hachje te redden. De invloed van God heeft Jozef geleerd te weten vanwaar zijn kracht komt. Stel je de situatie maar voor zoals wij deze kunnen lezen in de versen 15 en 16 ; "Toen zeide farao tot Jozef : ik heb een droom gehad, en er is niemand, die hem kan uitleggen, maar ik heb van u horen zeggen : Gij behoeft een droom maar te horen om hem te kunnen uitleggen." Voel je het spanningsveld, de farao vol verwachting, nu ga ik het weten, eindelijk zal ik terug rustig kunnen zijn. "En Jozef antwoordde Farao: Geenszins ; God zal Farao's welzijn verkondigen" In de engelse vertaling staat het er nog mooier :"Het is niet ik, God zal aan farao geven een antwoord van vrede"
Ten eerste Jozef vernederd zich en geeft alle eer aan God. En ten tweede, eindelijk antwoord hij reeds aan Farao en stelt hem rustig. Herkennen wij zo'n passages niet uit het leven van Jezus : "Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel, want hij is overgegaan uit de dood in het leven." (Joh. 5:24)
7. Openbaringen (gen 41:25-36)
En dan komen we op onze zevende trede, dan staat de ladder aan de Hemel poort en kunnen wij binnen kijken. Jozef was er klaar voor om Farao zijn dromen te verklaren. Of beter gezegd God verklaarde de dromen aan Jozef.
Er was een diep contact tussen God en Jozef. Als we de verzen vanaf 33 lezen dan lezen we dat het niet alleen bij het uitleggen van een droom blijft. Gods tijd was aangebroken om Jozef te bevrijden en tot dienst te laten zijn voor vele volken. We lezen in deze passage dat God door Jozef duidelijke instructies geeft aan Farao hoe hij verder zijn land moet besturen. Dit moet zo overweldigend geweest zijn dat Farao Jozef zelf aanstelt als zijn rechterhand.

Een samenvatting van enkele eigenschappen van deze jonge man zou kunnen zijn ;
De toewijding van Jozef was groot, hij was iemand die het goede gaf in ruil voor het kwade, hij was een nederig man. In elke situatie waarin hij verkeerde nam hij een dienstbare houding aan. Hij wederstond aan de verleidingen. Hij was afhankelijk van God. Ondanks de moeilijke omstandigheden blijft hij geloven in God.
Laat ons nog een keer die zeven trede van de ladder betreden ;
1. De Goddelijke invloed zorgde ervoor dat Jozefs leven toegewijd was aan de Heer ondanks de omstandigheden waarin hij verkeerde !
2. Getrouw in het werken toonde aan andere hoe machtig God is en zorgde er ook voor dat hij gewaardeerd werd !
3. Weerstaan aan de verleiding toonde dat hij een keuze had gemaakt die hij niet wou afgeven !
4. De Goddelijke genegenheid bleef bij hem ook al zouden wij als mensen denken, nu heeft God mij verlaten ! (doorzetting)
5. Tezamen met Zijn Heer bereidde hij zich voor. Niet op zijn tijd maar op de tijd die God voorzien had ! (geduldig)
6. In al wat hij deed wist hij Wie het deed gelukken en hij gaf steeds God de eer !
7. En op de laatste trede openbaart God wat Hij voor hem voorzien heeft !
Deze zeven punten verwijzen nu naar de voorbeelden van Jozef, maar laat ze ons eens tot toepassing van onszelf laten zijn.
1. De Goddelijke invloed zorgt ervoor dat mijn leven toegewijd is aan de Heer ondanks de omstandigheden waarin ik mij verkeerd ?
2. Getrouw in het werken toont aan andere hoe machtig God is en zorgde er ook voor dat ik gewaardeerd word ?
3. Weerstaan aan de verleiding toont dat ik een keuze heb gemaakt die ik niet wil afgeven ?
4. De Goddelijke genegenheid blijft bij mij ook al zouden wij als mensen denken, nu heeft God mij verlaten ? (doorzetting)
5. Tezamen met Onze Heer bereid ik mij voor. Niet op mijn tijd maar op de tijd die God voorzien heeft ? (geduldig)
6. In al wat ik doe weet ik Wie het doet gelukken en ik geef steeds God de eer?
7. En op de laatste trede openbaart God wat Hij voor mij voorzien heeft ?
Deze ladder zou men ook de groei kunnen noemen naar Christelijke volwassenheid of deze ladder laat duidelijk zien wat geloof inhoud. Jozef had het zelfde geloof als zijn voorvader Abraham (Rom 4:16-25) "en zonder te verflauwen in het geloof heeft hij opgemerkt, dat zijn eigen lichaam verstorven was, daar hij ongeveer honderd jaar oud was, en dat Sara's moederschoot was gestorven ; maar aan de belofte Gods heeft hij niet getwijfeld door ongeloof, doch hij werd versterkt in zijn geloof en gaf Gode eer, in de volle zekerheid, dat Hij bij machte was hetgeen Hij beloofd had ook te volbrengen."
Het zou een goede bijbelstudie kunnen zijn ; wat is geloof, hoe kunnen wij het beoefenen, hoe kunnen wij het sterker maken. Eén ding weet ik, Jozef kende het geheim en dit geheim is geopenbaard aan ons.
Om af te sluiten wil ik nog een stukje lezen uit het laatste hoofdstuk van Genesis 50:15-21.
Stel je nu maar een koning voor, maar wat voor één, rustig en oprecht.
.
.
.
.
Heeft de Here ook ons niet vergeven !!

Amen.